Een wit-grijs jong katje wandelde nietsvermoedend in het oerwoud. Daar had 'ie niks te zoeken, dat had zijn mama hem al heel vaak verteld. Maar het ondeugende katertje wilde natuurlijk niet naar zijn mama luisteren, dat deed hij namelijk nooit.
Het was zijn laatste wandelingetje. In het oerwoud woonden namelijk olifanten. De jongste van de kinder olifantjes was ook zo'n eigenwijs gevalletje. Die kwam het katertje tegen. Het beestje zette zijn staart op en begon flink te blazen tegen de olifant. Hielp natuurlijk helemaal niks want de olifant tetterde met zijn eigen slurfje en blies daarmee het katje bijna weg. Verdere details geef ik maar niet, behalve dat het katje wel zijn lekkere fluffy staart en zijn harige velletje mocht houden. Want die vond de jonge olifant wel erg interressant natuurlijk.